‘Op de trails ben ik thuis’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

Diederik van Hoogstraten (47) rent jarenlang fanatiek mee met de snelle jongens in Central Park. Totdat een hardnekkige blessure roet in het eten gooit en hij weer opnieuw moet leren hardlopen. De Nederlandse journalist verruilt de betonnen wegen van New York voor de zandpaden van LA. In zijn nieuwe boek ‘Los’ vertelt hij hoe hij zich ontwikkelt van hardlooptornado naar trailrunner. ‘Ik probeer graag dingen waarvan ik niet weet of ze mogelijk zijn.’

10‘Het voelt fantastisch als ik om 5.30 uur opsta en voor het ontbijt al 1,5 uur heb gelopen. Eerlijk gezegd ben ik wel bevoorrecht in Los Angeles. Ik trek mijn hardloopschoenen aan, doe mijn rugzakje om en loop de deur uit. Ik kom op de meest magnifieke plekken ter wereld, ren over ruige bergpaden en geniet van grootse uitzichten. Elke stap is anders. Na ontelbare kilometers in de stadsjungle voel ik me ontketend in deze groene weelde.’

King of the world

Zo onthaast als Diederik van Hoogstraten nu leeft, zo gehaast sjeest hij jarenlang door de straten van New York. In die tijd luidt zijn renmantra: snel, sneller, snelst. De Amerikacorrespondent rent zes dagen per week, maakt deel uit van de hechte loopgemeenschap in Central Park en loopt vier marathons onder de 3.15 uur. ‘Ik ging als een trein en voelde me King of the world. Was ik opnieuw verslaafd, aan hardlopen? Ik heb jarenlang gevochten tegen mijn overmatige nicotine- en alcoholconsumptie. Ach, liever deze gezonde gewoonte dan de zelfverachting van weleer.’

Moe

En dan, patsboem, slaat het noodlot toe. In het voorjaar van 2011 voelt Diederik dat zijn lijf moe is. Hij breekt een botje in zijn voet en zit vijf maanden thuis. Daar blijft het niet bij. Er volgen meer blessures en zijn zelfvertrouwen verdwijnt. De pijn wordt heviger en de dokters weten niet of hij ooit nog kan hardlopen. ‘Nooit meer rennen! Ik wilde niet stoppen of rusten. Nog erger vond ik dat de hoogste versnelling moeilijker te vinden was tijdens de wekelijkse intervaltrainingen. Ik kon moeilijk verkroppen dat rennen er niet meer in zat. Als bankzitter vond ik mezelf niet goed genoeg meer. Verwoed probeerde ik het hoofd boven water te houden, positief te blijven, de waarde in te zien van wandelen en fietsen.’

dvh_coast4

Droge wildernis

In Hollywoodfilms gaat de ommekeer vlot, maar dat geldt niet voor de filmjournalist. Voet en rug zijn in orde, maar het lijf blijft haperen na de tropenjaren van intense training. Op de verharde weg lopen lukt niet meer. Wie is hij als hij niet meer kan hardlopen? In semipermanente staat van misère besluit Diederik in 2013 naar Los Angeles te verhuizen. Misschien dat de zon en het optimisme van Californië uitkomst  bieden. En dat gebeurt. Hij maakt kennis met het trailrunnen en leert op een andere manier bewegen. Eentje die minder belastend is voor zijn lichaam. ‘Het is hardlopen, maar dan van de weg af. Dat kan zijn in de duinen, bergen of bossen. In de droge wildernis rond Los Angeles vond ik rust op de zandpaden. Ik sloot me aan bij de Trailrunners Club. Mijn nieuwe hardloopvrienden verwelkomden me met open armen. Hun tempo lag lager, de ondergrond was zachter, de competitiedrang minder scherp. Trailrunner, ultrarunner zou ik worden.’

Vertrouwensband

Op en om de trails ontdekt Diederik samen met zijn hond Charlie een hele nieuwe wereld. De Nederlander besluit zijn ervaringen op papier vast te leggen. In zijn boek ‘Los’ vertelt hij over zijn ontmoetingen met internationale toplopers en doodgewone recreanten. ‘Ik heb kennis gemaakt met mensen van allerlei pluimage die elkaar vinden in een intense liefde voor de natuur en het langeafstandslopen. Dokters, huisvrouwen, wiskundigen, gepensioneerden. Onder traillopers bestaat een vanzelfsprekende vertrouwensband. Op de bergpaden worden vriendschappen gesloten die elders niet makkelijk te vinden zijn. De natuur biedt ons de ruimte om onszelf te zijn.’

img_2381Bergopwaarts

Onder de Californische zon bloeit Diederik op. Al snel gaat niet alleen ieder zandpad, maar ook de rest van zijn leven bergopwaarts. Hij trouwt met zijn grote liefde Kelly, werkt als razende reporter in Hollywood en geniet van het lopen in de natuur. ‘Ik kan het iedereen aanraden van de gebaande paden af te wijken. Trailrunnen is toegankelijk voor iedereen. Je hoeft geen ultralange afstanden af te leggen om te genieten van de natuur. Ook mensen die niet van plan zijn zich suf te trainen, kennen de lokroep van het paadje dat in de verte omhoog kronkelt.’

‘Als ik ren, voel ik me Superwoman’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

Ze is dol op de hazelnootcappuccino van Starbucks, designerschoenen en de Brabantse gezelligheid. Maar waar Chantel de Lange (36) echt geen dag zonder kan, is hardlopen. Iets wat de Zuid-Afrikaanse loopster al deed voordat ze vorig jaar met haar gezin naar Nederland verhuisde. ‘Hardlopen is een goede manier om vrienden te maken.’ 

img_1898‘In Kaapstad trainde ik al hard. Dat deed ik zes dagen per week, soms wel twee keer per dag. Vanwege de warmte liep ik om 6.00 uur in de ochtend een rondje. Net als in Nederland is hardlopen daar een populaire sport. Alleen speelt alles zich vroeger op de dag af, ook de wedstrijden. En cross lopen wij meestal op blote voeten. Er zijn in Zuid-Afrika veel meer snelle lopers. Daardoor is het wel moeilijker om als gewone recreant op het podium te komen. Je moet bijna wereldrecords breken. Vrouwen zetten tijden neer van rond de 33 à 34 minuten op de 10 kilometer.’

Baie trots

Op het hoogste podium staan, vindt Chantel de Lange dan ook niet vanzelfsprekend. Uitzinnig van vreugde was de blondine toen ze deze zomer drie regionale wedstrijden in Nederland won. ‘Ik was baie trots’, vertelt ze. ‘Het voelde als een beloning voor maandenlang hard werken. Niet alleen de sportieve prestatie overheerste, maar ook de algehele euforie. Hardlopen maakt me gelukkig. Mijn Nederlandse loopvrienden lieten me snel thuis voelen.’

Nederlandse voorouders

Chantel woont precies één jaar in Nederland. Samen met haar man en drie kinderen emigreerde ze eind 2015 van Kaapstad naar Tilburg. De Zuid-Afrikaanse wilde graag terug naar haar roots: hier kwamen haar voorouders vandaan. Ze heeft nog steeds familie in Brabant wonen. ‘Mijn opa sprak Nederlands tegen ons. Ik heb me altijd verbonden gevoeld met Nederland. Toen ik een paar jaar geleden de halve marathon in Amsterdam liep, wist ik het: ik wil verhuizen naar dit mooie land.’

6bf2a72c-0052-4c84-8a1c-797ead2e5affTilburg Road Runners

Een nieuwe start voor de familie De Lange, ook op hardloopgebied. Chantel had vanwege de kinderen al zo’n vier tot vijf jaar niet meer gelopen. In haar nieuwe woonplaats pakte ze het rennen weer op. Via haar oom kwam ze in contact met een loopgroep met wie ze op zondagochtend meeliep. De speedstergirl merkte dat ze het rennen nog niet was verleerd en sloot zich al snel aan bij de Tilburg Road Runners.

 Vriendschappen

Tijdens de baansessies leerde ze Carlo kennen. Mede dankzij zijn hulp kreeg ze haar snelheid terug. ‘Carlo was op dat moment geblesseerd en stelde voor om samen te trainen. Heel graag, dacht ik. Samen lopen is toch veel leuker.’ Via de marathongroep Greg van Hest kwam ze in contact met een leuke club lopers met wie ze regelmatig een duurloopje doet. ‘Hardlopen is een goede manier om nieuwe mensen te leren kennen. Ik vind het geweldig om op deze manier zulke bijzondere vriendschappen op te bouwen.’

Vol energie

Zolang Chantel zich kan herinneren, hoort hardlopen in haar leven. Het zit in haar DNA. Op school was ze al actief: baan (100, 200, 400 meter ), cross country en schoolwedstrijden. Eigenlijk vindt ze alle afstanden leuk, van 5 kilometer tot een hele marathon. ‘Als ik ren, voel ik me Superwoman. Ik voel me sterk en zit vol energie. Op dat moment kan ik alles aan.’

357B7372-6529-43AE-8EE3-A8D5ECAAE59DBucketlist

Hoewel Chantel langzaam haar oude vorm weer terug krijgt, loopt ze niet te hard van stapel. Ze wil zich voorlopig verder richten op het verbeteren van haar 10 kilometer. Als dat goed zit, wil ze nog een keer een marathon lopen. En dat is niet zomaar iets wat op haar bucketlist staat. Want zo zegt ze: ‘Ik ben erg vastberaden. Als ik iets wil, ga ik er honderd procent voor. Don’t call it a dream, call it a plan.’

Boston is the dream

Herken je dat? Dat je het warm krijgt van iets dat je heel graag wilt? Fit zijn als Dafne Schippers bijvoorbeeld. Wie wil dat nu niet? Supersterk, superslank en supersnel. Waar kan ik tekenen! Zo’n lijf als dat van onze sprintkoningin krijg je natuurlijk niet zomaar. Voor haar topprestaties moet ze diep gaan. Elke dag bikkelen om beter te worden. Een ijzeren discipline heb je nodig. Geen wijntjes, minder koekjes en veel groenten. Elke dag twee keer keihard trainen, of je daar nu zin in hebt of niet. De lat ligt torenhoog.

IMG_2826De snelste vrouw op aarde word ik niet (meer). Dat is natuurlijk ook nooit mijn doel geweest. Net als de meesten van jullie ben ik gewoon een recreatieve loper. Wel eentje met ambities. Op mijn eigen niveau.

In een van mijn eerdere blogs vertelde ik over mijn plan om de World Marathon Majors te lopen. Alle zes. Na New York liep ik op 25 september de Berlin Marathon. Daar kan ik kort over zijn. Het was loodzwaar! Ik kwam de Man met de Hamer tegen. Die had ik sinds mijn eerste marathon in 2013 niet meer gezien. Na de 25 kilometer viel mijn plan in duigen.

Teleurstelling hoort er ook bij. In Berlijn liep het niet zo gesmeerd als ik gewend ben. Een marathon lopen is namelijk soms over je pijngrens heengaan. De truc is om jezelf te vermannen. Rennen, vallen, opstaan en weer doorgaan. Ik heb op karakter de resterende 17 kilometer uitgelopen. Die medaille heb ik alsnog met trots om mijn nek gehangen. Wir haben es geschafft!

blog-boston-berlijn-met-medailleIk wil nu meedoen met die van Boston. Editie 2018, om precies te zijn. En dat is niet zo makkelijk. Het is de enige marathon waar je je als loper voor moet kwalificeren. Een elitemarathon dus. De lat ligt hoog, want de organisatie hanteert rappe kwalificatietijden. Alleen de beste recreatielopers mogen meedoen. Je hebt ofwel bergen talent nodig, ofwel heel veel overtuiging en doorzettingsvermogen. Tja, ik moet dus voor optie twee gaan.

In april 2018 ben ik veertig jaar. Ik moet dan binnen nu en een jaar een marathon van onder de 3 uur en 45 minuten lopen. Er dingen veel lopers mee naar een startbewijs dus de concurrentie is groot. Daarom adviseert de organisatie om ruim onder je vereiste tijd te zitten. Tijdens de kwalificatie van dit jaar moesten de lopers 2,5 minuut sneller zijn om zeker te zijn van deelname.

Dus er wacht een zware taak. Ik heb me daarom vorige week ingeschreven voor de marathon van Rotterdam 2017. Dat betekent een strakke tijd neerzetten in Rotjeknor. Twee keer zat ik lange tijd op koers, maar op 9 april 2017 wil ik eindelijk onder die magische 3.40 lopen. Driemaal is scheepsrecht.

IMG_1139Boston is the dream! Voor wat extra motivatie heb ik mezelf getrakteerd op een speciaal boekje. Hierin kan ik mijn doelen noteren. En de stappen die ik ga zetten om deze te bereiken. Want: ‘A goal without a plan is just a wish.’ Zo wil ik deze keer topfit zijn voordat ik eind december aan mijn marathonschema begin. Ik heb een personal trainer ingeschakeld om me de komende drie maanden af te beulen.

Gelukkig vind ik sporten geen straf. Ik deed onlangs in een tijdschrift een test om te zien welke type sport of work-out voor mij het beste zou werken. Volgens de uitslag viel ik onder de categorie reiziger of loner: ‘compact en doelgericht zijn woorden die jou aanspreken. Daarom is hardlopen jouw sport.’ Mensen drukken me regelmatig op het hart dat ik moet genieten van het hardlopen. Dit is mijn manier.

Enfin, ik hoop dat ik me de komende maanden kan klaarstomen voor marathon nummer zeven. Mezelf gezond en fit houden. Het beste uit mezelf halen. Dat is een race die ik zeker wil winnen.

Immer gerade aus

Ik verdwaal overal, ondanks het navigatiesysteem op mijn telefoon. Vooral in het buitenland ben ik de klos. Mijn strategie luidt dan ook: loop langs de hoofdweg van het lokale dorp en ga via dezelfde weg weer terug.

Van de zomer in Italië was het weer raak. Ik dacht alleen wel een rondje te kunnen lopen. Een beetje malle gedachte natuurlijk. Dat leek wonderwel een paar kilometer goed te gaan. Totdat ik een dolle hond achter me aan kreeg en besloot om via een andere weg terug te gaan. Mijn ouders moesten me komen halen. Bleek ik slechts een paar honderd meter van ons vakantiehuisje te zijn gestrand.

IMG_5419Tja, ik heb totaal geen richtingsgevoel. Waar iedereen rechtsaf slaat, ga ik links. Ik raak zelfs nog de weg kwijt in mijn eigen wijk. Kaartlezen is ook nooit een hobby van me geweest. Honderd jaar geleden, toen er nog geen Google Maps bestond, brak het zweet me al uit bij de gedachte. Gelukkig had ik vriendinnen met meer GPS-genen dan ik. Zij namen tijdens onze stedentrips ferm het voortouw. Ik liep braaf achter ze aan.

Dat doe ik nog steeds tijdens de lange duurlopen. Er is altijd wel een hardloopmaatje dat een mooie route kent. Zelf lukt me dat niet. Ik speel op veilig en loop altijd binnen de bebouwde kom. Te bang om van de weg af te raken. Eigen rondjes zijn nooit langer dan 22 kilometer. Verder gaat mijn radar niet.

Toen ik net begon met hardlopen, stond ik doodsangsten uit om mee te doen aan een wedstrijdje. De avond voor de grote dag kon ik niet slapen. Geen faalangst, maar angst om te verdwalen. Samen met mijn vader verkende ik het parcours van tevoren met de auto. Ook heb ik eens de dag ervoor de hele route gefietst, voor het geval dat…

IMG_5136En die angst was niet geheel ongegrond. Tijdens een van mijn eerste loopjes was ik hevig in competitie met een andere loopster. In het heetst van de strijd sloeg ik verkeerd af. Op miraculeuze wijze haalde ik haar later alsnog in.

Dit soort incidenten brengen me steeds meer van de kaart. Ik raak gestrest om altijd maar in een doolhof te moeten navigeren. Ik las gelukkig onlangs in een tijdschrift dat ik niet de enige malloot ben. Vrouwen schijnen over het algemeen minder ruimtelijk inzicht en richtingsgevoel te hebben. Met af en toe een omweg kan ik prima leven, maar van die vrouwelijke onzekerheid wil ik wel af.

Daar moest ik snel iets aan doen, besloot ik deze zomer. Direct na mijn fiasco in Italië begon ik met mijn marathonschema voor Berlijn. De afgelopen drie maanden heb ik rondjes gemaakt van boven de 22 kilometer. Mijn vaste routes bestaan uit rechte lijnen en vaste hoeken. Heel saai, maar voor mij efficiënt. Op deze manier verdwaal ik tenminste niet. Ik vind het dan ook niet erg om vaak hetzelfde rondje te lopen.

Gelukkig zijn de straten in Berlijn recht en lang. Mijn navigatie zegt: immer gerade aus.

‘Triatlon is een beleving’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal anders, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

Frank van Laere (58) en Monique Haans (52) uit Berkel-Enschot delen hun liefde voor elkaar en voor samen sporten. Ooit begonnen de twee met hardlopen, maar sinds een paar jaar zijn ze verslingerd aan iets anders: de triatlon. Ze deden op 17 juli mee aan de Challenge Roth in Duitsland. ‘Het is een eenzame strijd tegen jezelf. Maar het moment van finishen is onbetaalbaar.’

challenge-roth5Waarom zijn jullie fan van triatlons?

Frank: ‘Ik vind de variatie van drie verschillende sporten mooi. Een triatlon is een combinatiewedstrijd van zwemmen (3,8 kilometer), fietsen (180 kilometer) en hardlopen (42,2 kilometer). Het is loodzwaar, maar net als bij hardlopen is het vooral een mentale kwestie. Als je na twintig weken hard trainen over de finish komt, geeft dat veel voldoening.’

Monique: ‘Saai is het zeker niet. Welke sport biedt er meer afwisseling dan een triatlon? Het is juist fijn dat het niet uit één discipline bestaat. Weer eens iets anders dan alleen hardlopen op de weg.’

Frank: ‘We liepen vroeger veel hardloopwedstrijden, maar helaas ben ik gevoelig voor blessures. Een kennis adviseerde me om eens mee te doen met een 1/8 triatlon. Dat is de kortste afstand: 500 meter zwemmen, 20 kilometer fietsen en 5 kilometer lopen. Hij zei dat dit me kon helpen, omdat zwemmen en fietsen minder belastend zijn voor je lichaam. Waarom niet eigenlijk, dacht ik. Dus stond ik op 1 augustus 2007 aan de start van het Lingebos in Gorinchem voor mijn eerste wedstrijd.’

Monique: ‘Ja, we waren best actief in het regionale hardloopcircuit. Ik heb ook twee keer de marathon gelopen. Mijn trainer adviseerde om erbij te gaan fietsen. Dat was goed voor mijn duurvermogen en voor de variatie in de training. Tussen mijn looprondjes door zat ik te trappen op de oude fiets van Frank. Hij was ondertussen al bezig met triatlons. Zijn enthousiasme werkte aanstekelijk. Het duurde nog twee jaar voordat ik meedeed aan mijn eerste wedstrijd. Ik moest eerst beter leren zwemmen. Net als Frank liep ik een paar jaar hard, maar dit is toch echt een andere tak van sport. Als je er eenmaal eentje hebt gedaan, ben je verkocht.’

dsc_2977Wat is het verschil tussen een triatlon en een hardloopwedstrijd?

Frank: ‘Bij een triatlon moet je op alle onderdelen goed zijn. De kunst is om je energie te verdelen. Je moet jezelf niet kapot fietsen, want dan loop je de marathon niet goed.’

Monique: ‘Elk sportonderdeel heeft zijn eigen dimensie.’

Frank: ‘Er komt ook een stukje logistiek bij kijken. Voor een wedstrijd moeten we drie verschillende tassen inpakken en van tevoren bij drie verschillende punten afgeven.’

Monique: ‘Bij hardlopen neem je alleen je schoenen mee en loopt je je rondje naar de finish. In principe hoef je nergens anders aan te denken. Je krijgt water bij de drankposten en er staan supporters langs de kant. Een triatlon doe je helemaal alleen. Er is niemand die je helpt. Nee, als je een lekke band hebt, moet je die zelf plakken. Het is een eenzame strijd tegen jezelf. Maar het moment van finishen is onbetaalbaar mooi.’

Frank: ‘Neem bijvoorbeeld de Alpe D’Huez triatlon. Daar is het parcours ruiger. Je zwemt in ijskoud water, fietst tegen steile hellingen aan en loopt over onverhard, geaccidenteerd terrein. Er kan van alles mis gaan. Ook ben je afhankelijk van het weer. Het is best spannend om met stortende regen en harde wind zo’n lange afstand af te leggen. Als ik tijdens een wedstrijd zie dat Monique ook veilig is, geeft mij dat rust.’

Monique en Frank: ‘Meedoen aan een triatlon is echt een beleving.’

Hoe bereiden jullie je voor op een triatlon?

Frank: ‘Toen Monique en ik begonnen, zijn we lid geworden van een triatlonvereniging. Daar trainen we ook op het zwemonderdeel. Als je wilt meedoen aan een triatlon, moet je goed kunnen zwemmen. De beste triatleten komen vaak uit de zwemwereld. In het begin konden we niet veel meer dan de schoolslag. Daarom zijn we samen op zwemles gegaan. Op latere leeftijd iets nieuws leren is best lastig. We zijn in aanloop naar de triatlon een paar keer per week in het water te vinden.’

Monique: ‘Zwemmen is het moeilijkste, maar tegelijk ook het meest spectaculaire onderdeel. Het is een gevecht met het water.’

Frank: ‘Doordat je met 1.200 mensen tegelijk het water in duikt, kom je terecht in een kolkende massa. Het voelt alsof je in een wasmachine bent beland.’

Monique: ‘Er gaat veel tijd zitten in de voorbereiding. Je bent zo het hele weekend kwijt. Frank en ik hebben geen kinderen, dus we zitten in de positie dat dit makkelijker kan.’

Frank: ‘We trainen twintig weken lang, negen keer in de week: drie keer zwemmen, drie keer fietsen en drie keer hardlopen. De laatste twee maanden van de training staat geheel in het teken van de sport.’

8e9f97b5-98d2-425d-b11f-d815c3174c32IJzeren discipline?

Monique: ‘Zeker, je zet er veel dingen voor opzij. Je moet er wel lol in hebben. Trainen voor een triatlon is anders dan een rondje van tien kilometer lopen.’

Frank: ‘Als we een lange training doen, maken we er een leuke dag van. Soms doen we mee met een toertocht. Dat zijn uitgezette routes, te vergelijken met de trainingslopen voor de marathon.’

Monique: ‘Wat het juist zo leuk maakt, is dat we samen het avontuur aangaan. Samen erop uit, samen mooie dingen beleven. Als ik niemand had om mee te trainen, denk ik niet dat ik dit zou doen.’

Frank: ‘Het is fijn om samen onze passie voor triatlon te delen. Je kunt goed je verhaal aan elkaar kwijt. In de auto kunnen we nog urenlang een wedstrijd analyseren.’

Triatlon of hardlopen?

Frank en Monique: ‘We hoeven gelukkig niet te kiezen. Het is goed met elkaar te combineren. Als het past in ons schema, doen we gezellig mee met een hardloopwedstrijd.’

Dit interview was eerder gepubliceerd in mijn rubriek ‘Born to Run’ op ProRun.nl

Circle of life

Er zijn van die momenten dat je niet weet wat je moet zeggen. Soms staat de woordenstroom even stil. Zoals vandaag. Ik sprak een van mijn liefste vriendinnen. Zij ontving het nieuws dat je niet wilt horen: haar vader is ongeneeslijk ziek. Kanker. Aan zijn darmkanaal met uitzaaiingen naar de lever.

Mijn vriendin vertelde deze diagnose terwijl ik in de trein zat. Geen ideale locatie voor een persoonlijk gesprek. Ik belde haar daarom thuis meteen terug. Wat zeg je in zo’n geval? Er viel geen pijnlijke stilte, het was gewoon stil. Natuurlijk overheerste bij haar intens verdriet. Ze wist het nog maar net. ‘Ik ben boos en voel me tegelijk ook machteloos’, zei ze. Er restte mij niets anders dan simpelweg mijn medeleven te tonen.

Anouk BakkerZoiets zet je aan het denken. Aan de circle of life. De enige zekerheid in het leven is de dood. We weten het allemaal. Zelf vind ik dat behoorlijk eng. Ik ben niet alleen bang om te sterven, maar vrees sinds klein meisje al voor de dag dat mijn naasten heengaan. Je hoopt altijd dat zoiets vredig gaat gebeuren. Zoals mijn stokoude oma die gewoon in haar slaap stierf. Helaas is dat voor de meeste mensen niet weggelegd.

Er zijn vandaag de dag nog te veel ziektes waar geen levenselixer voor bestaat. Zo is maagkanker de meest voorkomende vorm van kanker in Nederland. Iets waar ik nooit eerder bij stilstond. Er zijn ook andere vormen van maag- en darmziekten. Mijn loopmaatje Conor heeft bijvoorbeeld de chronische darmziekte colitis ulcerosa. We delen onze passie voor hardlopen en spreken elkaar daar vaak over. Toen hij vroeg of ik hem wilde helpen geld op te halen voor het goede doel, aarzelde ik geen moment.

Samen doen Conor en ik op zondag 4 september mee met de Tilburg Ten Miles. Hoe mooi is dat om 16,1 kilometer te lopen voor het goede doel in onze eigen stad. Dat doen we in een blauw shirt van de Maag Lever Darm Stichting. Met deze hardlooploopwedstrijd willen we meer bekendheid geven aan mensen met een chronische darmziekte. We zamelen geld in voor nieuw onderzoek om mensen met maag-, darm- en leverproblemen verder te helpen.

Conor and Anouk745x419Het geeft een goed gevoel om mijn passie voor hardlopen nu in te zetten voor anderen. Eigenlijk was ik nooit zo sportief, maar toen ik 5,5 jaar geleden met rennen begon, wist ik dat ik mijn sport had gevonden. ‘Running is the greatest metaphor for life, because you get out of it what you put into it.’ Deze uitspraak van Oprah Winfrey verwoordt precies hoe het voor mij is. Hardlopen geeft mij het gevoel dat ik leef. En zo is de cirkel weer rond.

De stilte voorbij

Ik ben geen moeder. Een kinderwens heb ik ook niet. Dat broedgevoel heeft er bij mij nooit ingezeten. Toch doet het iets met me als ik lees dat er ergens een baby is gevonden. In Nederland. Zomaar in een vuilnisbak, op straat of in een park. Koud en alleen. Dat raakt mij recht in het hart. Ik ril bij de gedachte dat er baby’s onnodig kunnen sterven. Misschien omdat ik weet dat het anders kan. Zelf ben ik ook een vondeling. Geboren in Zuid-Korea en herboren in Nederland. Mijn ouders gaven me hier niet alleen een huis, maar bovenal een thuis. Als ik denk aan ‘lotgenoten’ die minder gelukkig terecht zijn gekomen, voel ik een steek in mijn maag. Die machteloosheid verpulvert me.

Ik wil graag helpen. Zoals schrijfster Griet Op de Beeck in haar boek Kom hier dat ik u kus schreef: ‘Ik wou dat ik de baby’s mee kon nemen, naar daar waar levens lang en breed waren, en zinnen glinsterden op zeeën en nachten wonderlijk warm bleven.’ Een utopie? Wellicht. Maar beter dan de rauwe werkelijkheid: vondelingen die eindigen op de stort.

Kleine Anouk 2Wat is een vondeling precies? Een vondeling is een baby of jong kind dat door zijn of haar ouders wordt achtergelaten. Er worden in Nederland per jaar gemiddeld 1,5 kind te vondeling gelegd. Vaak gaat het om alleenstaande en jonge vrouwen die niet voor hun baby kunnen zorgen. Veroordeel ze niet te snel. Zoiets doen ze niet voor de lol. Ze zijn wanhopig en kunnen nergens heen. Ik voel het panikeren van deze radeloze vrouwen. Zo jammer allemaal, zo verschrikkelijk jammer. Was er maar iets dat ik kon doen.

Ik wil dat er iets verandert in Nederland. Een baby anoniem te vondeling leggen is hier strafbaar, maar is dat terecht? Dat moet anders. De Nederlandse wet zegt dat een kind recht heeft om te weten wie zijn of haar biologische ouders zijn. Wat een onzin! Ik ken mijn geboorte-ouders niet. Ben ik daardoor beschadigd? Welnee! Bovendien gaat het hier om leven en dood en niet om juridisch getouwtrek. Niet blijven bij wat ooit zo is beslist, omdat het ooit zo is beslist. Tijd voor een kleine revolutie.

Barbara Mulder is zo’n revolutionair. Zij richtte in 2014 Stichting Beschermde Wieg op. Samen met haar team biedt ze een oplossing voor moeders die geen andere uitweg zien. Zij kunnen hun baby anoniem en met vertrouwen achterlaten in een vondelingenkamer. Ik onderstreep dat het om uitzonderlijke gevallen gaat. Zomaar je baby wegdoen is natuurlijk niet de norm.

Nu wordt de Beschermde Wieg mogelijk vervolgd. Een malicieus spel met een groep vrijwilligers die niets hebben misdaan. We hoeven de moeders in kwestie geen absolutie te verlenen. Maar we moeten de dingen niet gewoon laten gebeuren en voorbij laten gaan. Het rechtssysteem in Nederland zal niet van de ene op de andere dag veranderen. Om het bespreekbaar te maken in de Tweede Kamer zijn er 40.000 handtekeningen nodig. Ik hoop dat die handtekeningen er komen.

Recente portretfoto Anouk - fotocredit Aad MeijerIk strijd nu voor het eerst mee voor iets wat me na aan het hart ligt. Ook wel een beetje eng. Maar toch. Sommige verlangens zijn sterker dan alle angsten. Misschien dat er ooit een dag komt dat alles anders is. Een wereld waarin moeders hun baby niet in de vuilnisbak of een sporttas hoeven achter te laten, maar een uitweg hebben. Dat vondeling zijn niet meer iets raars is. Mensen geen gezichten meer trekken alsof je examen doet in het vak waar je echt niet sterk in bent. Babykamers legaal worden gemaakt. En het niet meer strafbaar is om baby’s te redden van een onnodige dood. Hoe mooi zou het zijn als er nergens meer een taboe op rust. Hopelijk zijn we de stilte snel voorbij.

Help je ons mee 40.000 handtekeningen op te halen? Teken hier de petitie. Vervolg moeder en Stichting Beschermde Wieg niet!

‘Hardlopen is soms slim rekenen’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.

Met vijftig halve en tien hele marathons op zijn naam kent Frank Peek (46) de klappen van de zweep. De hardloper uit Oosterhout gaat volgende maand zijn ultieme uitdaging aan: de Jungfrau Marathon. Op 10 september hoopt hij in goede gezondheid de top van de Zwitserse berg te bereiken. ‘Dit is mijn Mount Everest.’

Singelloop‘Soms laat mijn agenda het niet toe om na het werk te trainen. Dan is het tijd voor plan B. Ik zet mijn wekker om 5.20 uur en ren dan in alle vroegte een rondje. Niet altijd even makkelijk, maar dat neem ik voor lief. Als ik iets in mijn hoofd heb, zet ik me er voor de volle honderd procent voor in.’

Avontuurlijke lopers

Frank Peek gaat recht op zijn doel af. Op tijd fit zijn voor de Jungfrau Marathon in Zwitserland. Met slechts 4.000 startbewijzen is dit een gewilde race onder de avontuurlijke lopers. Dat betekent voor de loper uit Oosterhout 16 weken lang vier keer in de week trainen. Zijn dagen bestaan grotendeels uit eten, rennen, werken en slapen. Hij laat er dingen voor staan, maar niet ten koste van alle gezelligheid. ‘Ik ben een Bourgondiër en houd van het goede leven. Natuurlijk probeer ik gezond te eten, maar af en toe een wijntje of biertje moet kunnen. Anders ben ik te gefocust en dan gaat het vaak mis.’

Wensenlijstje

Het idee om mee te doen aan de Jungfrau Marathon ontstond twee jaar geleden. Samen met een paar loopmaatjes van atletiekclub Scorpio riep Frank gekscherend dat ze ‘m gingen lopen. En afspraak is afspraak. ‘De Jungfrau heeft altijd op mijn wensenlijstje gestaan. Het is net even een andere marathon. We starten op 500 meter en eindigen op 2.100 meter. De hoogste bergtop reikt tot 4.158 meter en het hoogste punt op de route is 2.300 meter. Je loopt 42 kilometer door een prachtige omgeving. Het gaat dus niet om het neerzetten van een toptijd, maar om het genieten. Snel rennen wordt ook lastig, want je moet veel klauteren, klimmen en wandelen. Een mooie uitdaging, waar ik veel zin in heb.’

Met Frank Attila Run20.000 kilometer

Zijn gedrevenheid heeft Frank ver gebracht. Net als in zijn werk wil hij met hardlopen zijn doelen bereiken. Hij registreert alle hardloopgegevens in een Excel-bestand: afstand, tijd, tempo, hartslag, kosten startbewijs. Zo liep de Brabantse loper vorig jaar 2.600 kilometer en dit jaar verwacht hij zelfs boven de 2.750 kilometer uit te komen. Sinds zijn start in 2003 heeft hij meer dan 20.000 kilometer bij elkaar gerend. ‘Ik ben dol op cijfertjes en statistieken. Hardlopen is soms slim rekenen. Ik zie in een oogopslag hoeveel ik per jaar loop en of er een stijgende lijn in zit. Daardoor probeer ik ook slimmer te lopen.’

Mijlpaal

Hoewel Frank onderweg regelmatig op zijn Garmin kijkt, geniet hij van elke stap die hij zet. Hardlopen is zijn passie en hij hoopt het nog lang te mogen doen. Het geeft hem een gevoel van vrijheid om de deur uit te gaan en te rennen. ‘Als ik straks op de top van de Jungfrau sta, voel ik me euforisch. Dan ben ik trots dat het me is gelukt en dankbaar voor mijn gezondheid. Ik hoop tot mijn zestigste nog hele marathons te lopen. En volgens mijn berekeningen moet ik honderd halve marathons kunnen halen. Dat zou een mooie mijlpaal zijn.’

Rokjesdag

Toen ik 17 was, zag ik haar voor het eerst op tv. Tennisster Mary Pierce uit Frankrijk. Waar iedere vrouw destijds in een wit rokje over de baan liep, trok zij haar eigen plan. Deze blondine had flaneren in elegante tennisrokjes- en jurkjes tot kunst verheven. In die tijd was ik volkomen verslaafd aan tennis. Als Mary moest spelen, maakte ik aantekeningen. Zo wilde ik er later, als ik ooit zou gaan sporten, ook uitzien.

IMG_6156Een onrealistische droom, concludeerde ik al snel. In werkelijkheid leek ik totaal niet op die tennisgodin. Zij was twee koppen groter, had een jaloersmakende lange vlecht en ellenlange benen. Nu, twintig jaar later, ben ik nog steeds geen evenbeeld van mijn jeugdidool. Ik meet 1,55, heb kledingmaat 36 en schoenmaat 35. Wel delen Mary en ik een liefde voor mode. Met de jaren heb ik geleerd wat me wel en niet staat. Broeken met een hoge taille bijvoorbeeld, kunnen niet. Dan blijft er bij mij geen bovenlijf over. Wat wel bij me past? Hardlooprokjes!

Dat zelfvertrouwen had ik vroeger niet. Ik was bang dat mensen me als een kleuter zagen. Schoenen met hakken moest ik van mezelf aan. Torenhoog. Sneakers of sportieve schoenen droeg ik nooit. De horror. Daar voelde ik me ongemakkelijk bij. Zoals mannen dat gevoel hebben als ze naast hun vriendin met UGGS lopen. Of zoals vrouwen die zich niet zonder make-up op straat durven te vertonen.

Afijn, kleine mannen compenseren hun lengte vaak met een grote auto. Ik doe dat met hardlooprokjes. Ik ben er dol op, vind ze comfortabel zitten en heb zelfs het gevoel er sneller door te gaan lopen. Velen van jullie weten dat en spreken me daarop aan. ‘Fantastisch om te zien dat vrouwen zich zelfs serieus druk maken over wat ze tijdens een marathon zullen dragen’, zoals een van mijn online hardloopkennissen het een paar maanden terug verwoordde. Hallo, laat ik een vooroordeel rechtzetten: mijn hardlopen neem ik bloedserieus.

IMG_2652

Hoe dan ook, zweten doe ik het liefst in stijl en voor een marathon trakteer ik mezelf altijd op iets nieuws. Dat doe ik bij Else en Jenne van Hiphardlopen.nl, mijn favoriete onlinewinkel voor kekke hardlooprokjes en toffe topjes. Last van keuzestress heb ik nooit als ik daar winkel. Ik heb simpelweg het gevoel dat ik al die hippe rokjes moet adopteren. Mijn kledingkast puilt inmiddels uit met exemplaren in allerlei kleuren en motiefjes.

Achter elk van mijn rokjes zit een persoonlijk verhaal. Ik kan u precies vertellen bij welke wedstrijd ik welke outfit droeg. Zo droeg ik mijn eerste rokje drie jaar geleden tijdens de halve marathon van Eindhoven. Een geweldige wedstrijd waar ik een nieuw PR liep. Een dag voor de wedstrijd slenterde ik met een vriendin over de expo in het Beursgebouw. En toen hing ie daar, dat ene roze rokje. Aan het rek van de stand van Else en Jenne. Ik was verkocht. Trouwens, de gehele collectie mocht zo mijn winkelmandje in: fris, tikje stoer en bovenal erg leuk.

Ziet u, hardlooprokjes zijn voor mij meer dan een fashion statement. Er kleven ook mooie herinneringen aan. Ze brengen me terug naar mijn jeugd. Als ik mijn roze exemplaar draag, voel ik me voor even Mary Pierce. Ik kan een glimlach dan nauwelijks onderdrukken. Iets wat volgens mij nooit uit de mode raakt.

‘Lopen met vrouwen geeft een boost’

Hardloopjunkies, recreatieve genieters of wedstrijdlopers. We zijn allemaal verschillend, maar de hardloopconnectie is er. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. In deze serie interviews vertellen lopers waarom het hardloopvuurtje in hen nooit dooft.’

Natalie Sinke (41) doet zondag voor de derde keer mee aan de Ladies Run in Rotterdam. Als geen ander weet ze hoe moeilijk het is het roer om te gooien. De Zeeuwse loopster viel 45 kilo af en is nu in de vorm van haar leven. ‘Ik wil vrouwen steunen en inspireren om actiever en fitter te worden.’

Training duurloopjeSamen met meer dan 11.000 vrouwen staat Natalie zondag 29 mei aan de start in Ahoy. Net als vorig jaar loopt ze de 7,5 kilometer van de Rotterdamse Ladies Run. De hardloopster uit Vlissingen heeft zin in dit evenement. ‘Alles is roze: de start, de borden, de boog, de finish, de shirts. Echt enorm cliché, maar het werkt aanstekelijk. Met duizenden andere vrouwen lopen, geeft een enorme boost.’

Atletieknest

Natalie reis samen met haar vader Sjaak naar Rotterdam. Hij is één van haar trouwste supporters. Van hem heeft ze haar passie voor hardlopen geërfd. Ze komt uit een echt atletieknest. Haar ouders sportten vroeger op hoog niveau: vader Sinke was een tienkamper en triatleet, moeder Sinke deed aan verspringen en sprinten. ‘Er is mij verteld dat ik met vier maanden al in de kinderwagen op de atletiekbaan stond’, gniffelt ze. ‘Toen ik vier jaar was, liep ik mijn eerste prestatieloopje. Als pupil en junior deed ik mee aan alle afstanden. Dat combineerde ik met discuswerpen en het lopen van triatlons. Wegens knieproblemen moest ik op mijn twaalfde stoppen. Ik heb daarna jarenlang nauwelijks meer gesport.’

IMG_5086Meer bewegen en bewust eten

Pas in 2011 pakte Natalie de draad weer op. Dat was geen gemakkelijke klus, want ze woog toen flink wat zwaarder. Met fitnessen viel ze wel af, maar de pondjes kwamen er ook net zo hard aan. Dus besloot ze het over een andere boeg te gooien. Ze begon met een online programma en schakelde later personal trainer Michel in. In totaal viel de Zeeuwse 45 kilo af. Verantwoord en in etappes. De visie van Michel was simpel: meer bewegen en bewust eten.

Zwaar afzien

Over haar strijd tegen de kilo’s zegt Natalie: ‘Ik sloeg zo’n tien tot twaalf jaar geleden mijn eerste slag. Daarna kwam ik weer aan en verloor vervolgens weer wat gewicht. Sinds ik met Michel train, heeft hij het programma nog meer op mij afgestemd. Daarnaast werk ik met looptrainer Robert. Het is zwaar afzien met die mannen, maar het harde werken loont. Ik voel me fit, sterk en ben ook sneller geworden.’

Marathon New York met Natalie SinkeRokje

Sinds ze zo veel is afgevallen, past Natalie ook weer in leuke kleren. Als ze in de spiegel kijkt, moet ze nog altijd wennen aan haar slanke silhouet. De oversized sportbroeken gingen de deur uit en maakten plaats voor een nieuwe garderobe. Tijdens het hardlopen kun je haar uittekenen in een rokje of jurkje. Het liefste draagt ze er eentje in haar lievelingskleuren roze of paars. Altijd net iets anders dan de rest. ‘Vrouwen dragen sportkleding allang niet meer alleen om in te sporten. Je mag best laten zien wie je bent.’

Dit interview was eerder gepubliceerd in mijn rubriek ‘Born to Run’ op ProRun.nl